Iaido / Iai-jitsu
Sinds 13 januari 2005 kan er bij Snel en Lenig ook geleerd worden met het beruchte Japanse zwaard, de Katana, om te gaan. Sinds die datum is Kamome Ryu ondergebracht bij onze vereniging.
Iaido is de kunst van het Japanse zwaard, de katana, het legendarische wapen van de heldhaftige samurai. Voor Japanners is er geen eerbiedwaardiger wapen dat beter de bushido, de riddermoraal van de samurai, symboliseert. Geen ander wapen is nauwer met de geschiedenis, traditie en cultuur van het land verbonden.
Stijl die als basis wordt aangehouden bij Kamome Ryu is Wi-Su Ryu Iai-jutsu. Deze stijl is rond 1960 ontstaan uit zwaardtechnieken uit Japan, China en Mantsurije. De stijl bestaat uit 17 series kata, Pinang genaamd, ontwapeningstechnieken, technieken met het zwaard in de schede en uit een serie van 5 grondsystemen. Naast de technieken uit de Wi-Su Ryu komen ook zwaardsystemen als Eishin en Ito Ryu aan de orde alsook technieken uit het Kendo, echter niet gebonden aan de wedstrijdregels van het moderne Kendo.
In tegenstelling tot wat er in meer traditionele Iaido scholen wordt gegeven, zal in de lessen van Kamome Ryu wat minder de nadruk liggen op het leren van kata’s. De lessen variëren elke week weer van inhoud. In de ene week zal er bijvoorbeeld tot in detail gelet worden op standen van de handen, voeten en het lichaam, terwijl in de volgende week deze details niet ter zake doen en er gewoon lekker keihard wordt gewerkt al dan niet met tegenstander.
Uiteraard zullen de leerlingen de kata’s ook eigen moeten maken. Deze kata’s zullen als basis dienen om van daaruit het zwaard beter te leren begrijpen en verder te komen in het gevecht met het zwaard. Uit iedere kata is het mogelijk een stukje te halen en dat uit te diepen of te combineren met een andere kata waardoor een techniek een andere dimensie krijgt. Daar waar een kata vaak niet veel verder komt dan een of twee aanvallers zal tijdens de lessen vaak meer aandacht worden besteed aan situaties waarbij men wordt aangevallen door meerdere personen. Ook gaan de meeste kata’s er vanuit dat de tegenstander met een of twee houwen van het zwaard wordt geveld; maar wat als de aanvaller jouw tegenaanval pareert en er een schermpartij ontstaat? Ook dan zou men zich goed moeten kunnen verdedigen en naar openingen zoeken om het gevecht alsnog tot een goed einde te kunnen brengen. De oefeningen die gegeven worden zijn vaak individueel waarbij bepaalde technieken worden aangeleerd. Deze technieken komen in een latere les weer terug maar zijn dan in de vorm van een (schijn)gevecht gegoten, waardoor de ware betekenis, het hoe en waarom, van een techniek kan worden achterhaald.
Bij zo’n schijngevecht, welke wordt uitgevoerd met een boken (houten zwaard) is er sprake van een (of meerdere) aanvallers en moet de persoon die aangevallen wordt zich dus verdedigen met de aangeleerde technieken. Deze technieken kunnen ook met een shinai (bamboe zwaard) worden uitgevoerd waarbij het risico op blessures verminderd maar de intensiteit wordt vergroot doordat de shinai het toelaat de technieken tijdens de gevechten “feller” uit te voeren. Overigens is het risico op blessures zeer klein, ook bij het werken met een echt zwaard of een boken.
Wat heel erg leuk is om te zien is het enthousiasme van de mensen dat toeneemt op het moment dat je de schermparijen is een jasje van strategie of realiteit stopt. Stel je voor dat er een groep samurai op pad is met hun Daimyo (landheer) en deze groep wordt aangevallen door een groep rovers of vijandige samurai. De primaire taak van een samurai is om zijn heer te beschermen. De aangevallen partij vormt een kring om de Daimyo heen terwijl de aanvallers één voor één hun doel uitkiezen en tot het gevecht over gaan. Tijdens dit soort “simulaties” waarbij alle leerlingen uiterst scherp moeten zijn op waar de aanval vandaan komt en er natuurlijk ook op moeten letten dat hij of zij niet per ongeluk een “mede samurai” raakt is duidelijk merkbaar dat iedereen het heel erg naar zijn zin heeft en zich heel even een “echte” Musashi voelen. Wat bij Kamome Ryu hoog in het vaandel staat is dat mensen komen om lekker te kunnen trainen, zich lekker kunnen uitleven op een verantwoorde niet alledaagse manier waarbij ze niet worden gebombardeerd met details en urenlang herhalen van een en dezelfde beweging.
Uiteraard zijn details wel van belang en zullen zeker behandeld worden tijdens de lessen. Zonder deze details is het niet mogelijk op een juiste manier het zwaard te leren hanteren en een techniek werkelijk leren begrijpen. Deze details worden gegeven aan de hand van kata uit Wi-Su Ryu en oa Eishin Ryu. De variaties op deze kata zorgen voor een veel groter aantal kata om te beoefenen zoals aanvaller zittend, verdediger staand; aanvaller staand, verdediger zittend; aanval vanuit zit naar staand, verdediger vanuit zit naar staand etc. Verschillende manieren van voetenwerk, het onderhands of linkshandig trekken van de katana en het onderhands of linkshandig werken met de katana zijn mogelijkheden om met een bestaande kata te variëren en zo de kennis over het gebruik van een zwaard van de beoefenaar te verbreden.
Globaal gezien kan men de training met het zwaard in drie categorieën verdelen worden.
Een eerste en meest bekende manier is het moderne Kendo, zoals ontwikkeld in het naoorlogse Japan. Een beoefenaar van Kendo draagt speciale beschermende kledij (bogu genaamd) en maakt gebruik van een shinai, een soort zwaard gemaakt uit vier loten bamboe. Door het beoefenen van Kendo leert de zwaardvechter om te gaan met timing, afstand (maai) en andere aspecten van het gevecht met een echte tegenstander. Waarschijnlijk is Kendo de enige van de krijgskunsten waar in competitievorm de technieken met volle kracht en snelheid kunnen uitgevoerd worden zonder dat de beoefenaars gevaar lopen verwondingen op te lopen (afgezien van een blauwe plek).
Een tweede manier is het trainen van technieken met houten zwaarden zoals een boken of een bokuto. De bokken lijkt meer op een echt zwaard dan de shinai, en laat de beoefenaar toe de technieken tot in detail te bestuderen, maar is ook gevaarlijker dan de shinai. Een boken is niet alleen een vervanging voor de katana tijdens trainingen, maar is een wapen op zichzelf, bedoeld om te verbrijzelen in plaats van te snijden. Dit is de reden waarom met de boken hoofdzakelijk afgesproken oefeningen met een partner worden uitgevoerd, afgezien van oefeningen die speciaal voor een boken zijn ontwikkeld (nota bene, een boken is geen katana en heeft daardoor meer/andere mogelijkheden). Hierbij wordt geen beschermende kledij gedragen. Ondanks dat oefeningen vooraf worden opgegeven kan een boken oefening de realiteit behoorlijk benaderen. Snelheid en gevoel voor realisme, het elkaar proberen “af te troeven” van de oefening hangt af de getraindheid van de beoefenaars.
De derde manier is het trainen met een echt zwaard zoals een Iaito (oefenzwaard speciaal voor Iaido gemaakt uit een legering van aluminium en een ander metaal) of shinken (een echt scherp zwaard gemaakt van staal). Het is onmogelijk een echt zwaard te beheersen door alleen met een boken of shinai te trainen. Alleen al het maken van een behoorlijke slag waarbij de snijkant van het lemmet in een precieze hoek moet staan vereist ontzettend veel training en is met een boken alleen niet goed te leren. Een ander aspect is het simpele feit dat een zwaard in een schede zit en daar (over het algemeen) eerst uit moet alvorens gebruikt te kunnen worden.
Tijdens het trainen met zwaarden wordt er natuurlijk niet vol op elkaar “ingehakt”. Ten eerste natuurlijk uit veiligheid voor de beoefenaar maar ook om een, vaak erg duur, zwaard iet te beschadigen. Op uitzonderingen na (zoals bepaalde kata’s welke in alle rust worden uitgevoerd) worden alleen oefeningen uitgevoerd met een ingebeelde tegenstander.
De meeste kata in iaido behandelen situaties waar plots het zwaard nodig is, zoals ter verdediging tegen een onverwachte aanval. Verschillende technieken worden aangeleerd waarbij het zwaard getrokken wordt op een dusdanige manier dat er meteen mee afgeweerd, geslagen of gestoken kan worden (nuki tsuke gevolgt door kiri tsuke). De kata’s van Wi-Su Ryu gaan daarin nog verder en bevatten technieken voor een gevecht met meerdere aanvallers, indien een aanval wordt afgeweerd en er een schermpartij ontstaat, of wanneer de dodelijk gewonde tegenstander nog een laatste uitval wil doen om jou mee te nemen.
Nadat de aanvallers uitgeschakeld zijn, wordt het bloed van de kling geschud (chiburi), en het zwaard weer opgeborgen in de schede (noto). Dit gebeurt in opperste concentratie en waakzaamheid, zonder openingen voor een andere aanval te laten of zelf klaar te staan om weer in actie te komen. (zanshin).
